Bestuurders

Feitelijk bestuurder

12 januari 2017

Het begrip feitelijk bestuurder behelst “personen die ten aanzien van de zaken van de vennootschap werkelijke bestuursbevoegdheid hebben gehad”, met name de personen die zich een werkelijke bestuursbevoegdheid hebben aangemeten, hetzij door zich in de plaats te stellen van de bestuurders/zaakvoerders, hetzij door hen nauwkeurige instructies te geven.
(Kh. Brussel (29e k) 23 april 2010, RW 2011-12, afl. 22, 1010)

Weerlegbaar vermoeden van fout

12 januari 2017

De herhaalde niet-betaling van bedrijfsvoorheffing of BTW door de vennootschap wordt vermoed voort te vloeien uit een door de bestuurder begane fout. Dit wettelijk vermoeden is slechts een weerlegbaar vermoeden van fout. Het oorzakelijk verband tussen fout en schade dient nog steeds te worden aangetoond.
(Kh. Antwerpen (17e k) 17 juni 2013, TRV 2014, 403)

Aanvangspunt verjaringstermijn – ondeelbaar geheel van feiten

12 januari 2017

Alle rechtsvorderingen tegen zaakvoerders, bestuurders, commissarissen, e.a. wegens verrichtingen die verband houden met hun taak, verjaren door verloop van vijf jaren te rekenen vanaf die verrichting.
Daar de verjaringstermijn loopt vanaf de verrichting, is het belangrijk om het precieze tijdstip van de bestuursfout te bepalen. Indien de bestuursfout het gevolg is van meerdere ondeelbare feiten, loopt de verjaring pas vanaf het laatste feit.
(Kh. Turnhout 10 december 2007, RABG 2008, afl. 8,492.
Brussel (9e k) 21 november 2002, JLMB 2003, afl. 29, 1271)